Ongeluk treft opnieuw Andy

Het zit Andy Schleck niet mee: nadat hij tijdens de derde etappe van de Tour de Fraance hard ten val is gekomen, stapte hij niet meer op voor de vierde etappe. Hij probeerde voor de start nog op de rollers of het ging lukken, maar zijn blessure bleek te ernstig om mee door te fietsen. Sterker nog: op woensdagochtend werd hij al geopereerd in de Crossklinik in Basel.

Uit een MRI-scan bleek dat Andy’s rechterknie een behoorlijke klap heeft gehad. Artsen ontdekten scheuren in de collaterale ligamenten en kruisbanden, een scheur in de meniscus en een kraakbeenblessure. Volgens teamdokter Andreas Gösele is dat nog wel het pijnlijkst voor Andy. De chirurgen hebben een deel van de meniscus verwijderd en het kraakbeen bijgeschaafd. Andy moet nu twee weken op krukken lopen en mag daarna zeker enige tijd niet fietsen.

“Ik ben er kapot van. Mijn knie lijkt van binnen wel te zijn geëxplodeerd”, zegt Andy, “Ik kan geen schatting krijgen van hoe mijn herstel zal gaan verlopen, en dat is lastig. Ik kan nu niets doen. Acceptatie is de eerste stap in het proces en daar werk ik nu nog aan. Er moet nog heel veel gebeuren voor ik terug kan keren, maar ik ben gewend om te vechten.”

Na zijn val in de Dauphiné in 2012 volgde een lange periode van moeizaam herstel, leek hij eindelijk uit het dal te zijn gekomen. Des te pijnlijker is het dat hij nu direct weer door pech wordt getroffen.

“De ochtend dat ik moest opgeven was het ergste moment uit mijn carrière. Het brak mijn hart. Ik zat in de bus met tranen in mijn ogen omdat ik wist dat ik niet meer kon fietsen”, vertelde hij aan Cyclingnews. “Ik wil verder gaan, ik heb het gevoel dat ik nog steeds in het wielrennen thuishoor. Ik wil niet stoppen vanwege een val. Even dacht ik dat mijn carrière ten einde was gekomen, maar ik wil niet dat het op deze manier eindigt. Zodra ik weer kan fietsen, ga ik dat doen. Ik houd van wielrennen. Ik zal klein moeten beginnen eer ik mag denken aan koersen, het is belangrijk niet te haasten. Ik geloof in een comeback. Ik moet daarin geloven”, besluit hij.